aan Alwin de Quartel

De alpine-skiërs zijn de grote vedettes van de Winterspelen. Wereldwijd is de belangstelling enorm voor de afdaling, reuzenslalom, Super-G, slalom en supercombinatie. In Nederland slagen we er niet in alpine-skiërs naar de Spelen te brengen. Harald de Man, Rogier Oosterbaan en Alwin de Quartel deden een poging, maar slaagden door diverse omstandigheden niet. Vijf vragen aan de afgelopen zomer gestopte Alwin de Quartel.

Was jij ook zo blij met de gouden plak van de Amerikaanse skiër Bode Miller op de supercombinatie?

,,Ja, dat was erg leuk. Hij is vier jaar geleden in Turijn helemaal zwart gemaakt. Hij feestte alleen maar volgens de media. Hij was niet met zijn vak bezig. Nu verzamelt hij al drie medailles op de Winterspelen en ook eindelijk goud. Het is een relaxte gozer met heel veel kwaliteiten. In Vancouver gold hij eigenlijk als outsider op een aantal disciplines, maar hij pakt wel even medailles. Met als bekroning die gouden.''

De Winterspelen lopen al een ruim een week. Zijn er verrassende winnaars?

,,Het is lastig de winnaars bij de Winterspelen te voorspellen. Er zijn favorieten, maar de Winterspelen zijn een verhaal apart. Vooral bij de vrouwen valt Julia Mancuso me op met haar zilveren medailles. Er spelen vele factoren mee. Mancuso heeft het de laatste twee seizoenen blessures gehad en weinig laten zien. Ze heeft het wereldbekerseizoen opgeofferd om in Vancouver te presteren. Dat lukt haar. Je moet heel getalenteerd zijn om zoiets te doen.''

Jij hebt zelf jaren lang geprobeerd aansluiting met de wereldtop te krijgen. Harald de Man en Rogier Oosterbaan zijn je voorgegaan. Niemand haalde de Winterspelen. Is het onmogelijk voor een Nederlandse alpine-skiër?

,,Nee, het is niet onmogelijk. We zijn allemaal gestrand, maar er gaat tegenwoordig zoveel geld om in deze sportdiscipline. In Nederland is alpine-skiën heel klein, er zijn geen grote sponsoren, we krijgen weinig aandacht, er zijn weinig mensen die het op topsport niveau beoefenen. Het blijft een vakantiesport in Nederland. Je moet rigoreuze keuzes maken. De sport is moeilijk. Er zijn veel variabelen in alpine-skiën, geen bocht is ooit hetzelfde. Je moet alles trainen en fysiek top zijn.''

Wat moet er gebeuren om het niveau omhoog te halen?

,,Je moet vroeg beginnen. Al op heel jonge leeftijd. Er zit geen verschil tussen een talent van tien jaar uit Nederland en Oostenrijk. Al ben je met tien jaar in Nederland wel snel een talent. De weg is echter enorm ver. Als je niet vroeg begint is het bijna onmogelijk om enigszins mee te kunnen doen. De opofferingen zijn groot. Kroatië is het ook gelukt. Het kan dus wel.''

Je bent een half jaar geleden gestopt. Mis je de sport en wanneer zien we een Nederlandse alpine-skiër wel op de Winterspelen?

,,Gedeeltelijk. Het standaard trainen, het reizen. Het bezig zijn met topsport. Dat allemaal wel. Ik heb het goed kunnen afsluiten. Ik heb nu een thuisleven, een baan. Ik had niet het gevoel dat het allemaal nog zou gaan lukken. Ik heb veel van het alpine-skiën op deze Winterspelen gezien, maar ik blijf er niet voor op. Ik gok erop dat over acht jaar een Nederlandse alpine-skiër meedoet aan de Winterspelen.''

Bron: (c) ANP 2010


      


TERUG




Nederlandse Ski Vereniging
Nederlandse Ski Vereniging