Voorbereiding

De 10 pisteregels van de FIS

Volgens onderzoek van de Europeesche is een meerderheid (66%) van de wintersporters niet op de hoogte van de pisteregels van de Internationale Ski Federatie (FIS). Als het druk is op de piste is het echter extra belangrijk dat iedereen zich houdt aan de geldende pisteregels. Als je de volgende regels van de Internationale Ski Federatie (FIS) in acht neemt, ben je altijd safe.

1
Houd rekening met anderen. Iedere wintersporter moet zich zo gedragen dat je een ander niet in gevaar brengt of schade berokkent. Klinkt logisch maar deze regel is wel veel omvattend. Ski je ergens in het skigebied een lawine los die vervolgens over de piste schuift, dan heb je echt een heel groot probleem. Je zult onherroepelijk aansprakelijk gesteld worden!

2
Beheers je snelheid en skistijl. We hebben geen skivaardigheid bewijs zoals bij golf, maar dat betekent wel dat je voldoende techniek in huis moet hebben om te kunnen stoppen, te kunnen uitwijken en je snelheid moet kunnen beheersen. Het jezelf aanleren van skiën en snowboarden is dus eigenlijk niet toegestaan! In praktijk zal je hiervoor niet bestraft worden, maar het is maar dat je het weet. Naar de skischool dus!

3
Kies je juiste spoor. De skiër die van boven komt moet altijd voorrang verlenen aan de skiër onder hem. Dit betekent dat je als snellere skiër dus altijd extra moet oppassen. Bij het aanskiën van iemand is de skiër van boven altijd fout. Een lastige zaak met de carveski’s waarbij we veel bredere bochten maken. Ook het kunnen inschatten van bijvoorbeeld snowboarders, hetgeen voor niet snowboarders erg lastig is, is van belang.

4
Houdt afstand. Bij het inhalen van een andere pistegebruiker dien je voldoende afstand te houden. Deze regel is nauw verbonden met het houden van je spoor (regel 3) en het rekening houden met anderen (regel 1). Toch heeft de FIS besloten dit extra aandacht te geven, omdat in de praktijk het inhalen vaak voor ongelukken zorgt. Let dus vooral goed op bij smalle passages, bospaden en kruisingen van pistes.

5
Stoppen en vertrekken dient veilig te gebeuren. Als je stil gaat staan op de piste moet je dit op een handige plek doen. Niet vlak achter een heuveltje of midden op de piste. In de praktijk blijkt dat men juist daar gaat stilstaan waar het niet handig is. Ook bij het weer weg skiën is het noodzakelijk eerst naar boven de kijken. Dan geldt niet wie van boven komt is schuld bij een botsing.

6
Maak de piste snel vrij. Wanneer je valt op een smalle passage of drukke plek, maak deze dan zo snel mogelijk vrij en wacht op een overzichtelijke plek.

7
Lopen over de piste aan de zijkant. Je mag te voet over de piste lopen, maar voor je eigen veiligheid en die van de pistegebruikers dien je dit aan de zijkant te doen. Zo wel bij omhoog als omlaag lopen.

8
Gebruik de verkeersborden. Langs de piste staan borden die nuttig zijn. Houd je aan de waarschuwingen en lees ook de informatieborden onderaan de pistes!

9
Verleen hulp. In het geval van een ongeval ben je verplicht hulp te verlenen! Zorg voor de noodnummers in je telefoon en kijk op je pistekaartje voor nuttige adressen en telefoonnummers van de pistedienst.

10
Legitimatie verplicht! In geval van nood moet een ieder zich kunnen legitimeren. Ongeacht of je getuige, verantwoordelijke of slachtoffer bent.


TIP: Er is vaak veel twijfel over, maar volgens de Europese regelgeving is het zo geregeld dat de beste skiër verantwoordelijk is voor de groep waar hij mee skiet. In de praktijk wordt hier weinig rekening mee gehouden door de betrokkenen. Maar in het geval van een ongeluk is het wel belangrijk dit te weten. Ga je bijvoorbeeld met een groepje off-piste, bedenk dan wie er uiteindelijk verantwoordelijk is! Er wordt vooral gekeken naar ervaring en eventuele opleiding (skileraar, gids, lawinecursus).

      


TERUG




Nederlandse Ski Vereniging
Nederlandse Ski Vereniging