BEWintersporte is ook beschikbaar op wintersport.be
sluiten
Home

Uitgelichte berichten

Live: genieten van de heldere herfstnachten

Rogier op 21 sep 2018 · 19 reacties

Het voelt als nazomer in de Alpen. Heerlijk warm weer overdag, maar elke nacht wordt het kouder en kouder. De lucht wordt met de dag helderder en kleuren levendiger en dieper. 's Nachts is het momenteel ontzettend mooi want door de huidige heldere luchten is het genieten van de absurde hoeveelheid sterren en de goed zichtbare melkweg! Ik trek er deze weken dus regelmatig op uit om nachtfoto's te maken!Fototechnische info Het maken van sterren- en melkwegfoto's is niet heel moeilijk. Je hebt een statief en een camera nodig. Een goede camera die acceptabele foto's maakt met een hoge iso-waarde (zeker zo'n 6400) en het liefst een lichtsterke groothoeklens. Stel de camera scherp (voor sterren op oneindig), bepaal je compositie en gebruik om te beginnen een sluitertijd van ca. 10 seconden met een groot diafragma (laag getal). Afhankelijk van het resultaat kun je met de instellingen gaan spelen. Als de sluitertijd langer dan 20 seconden is zullen de sterren bewegend op beeld staan.Geweldige sterrenhemelAls je in de Alpen wel eens 's nachts naar de hemel hebt gekeken is het je vast opgevallen dat je veel meer sterren ziet dan in Nederland. Dit heeft meerdere oorzaken. Ten eerste is er in de Alpen veel minder lichtvervuiling. Vaak is er alleen kunstlicht in de dalen en dan ook nog eens veel minder dan in het dichtbevolkte Nederland. Omdat het donkerder is zie je meer sterren. Ten tweede ben je in de Alpen op een grotere hoogte, je zit hoger in de dampkring waardoor je een helderder zicht op de sterren hebt. Wil je veel sterren zien en goed zicht hebben op de melkweg, dan heb je daarop het meeste kans bij een kleine maan zodat het licht van de maan de sterren niet verstopt.Op fotojachtNu het eerder donker wordt, de melkweg afgelopen weken op de goede tijd op de goede plek stond en de hemel goed helder is, ben ik regelmatig op pad geweest om nachtfoto's te maken. Ik vind het heerlijk om 's nachts in de natuur te zijn. Je voelt nu dat het kouder wordt. Pas vroor het zelfs al een beetje. En je leert een andere wereld kennen. In de Alpen nemen 's nachts de dieren het recht in handen. Op weg naar goede nachtfoto-spots ben ik de afgelopen weken onder andere verschillende dassen, vossen, herten en zwijnen tegengekomen. Dieren die je overdag weinig ziet. Op wintersportIn de winter met de donkere nachten en heldere luchten is het ook vaak geweldig om naar de sterrenhemel te kijken. Wie van jullie kan daar tijdens de wintersport, of op andere momenten, ook zo van genieten?

Slecht weer, skipas goedkoper

Rogier op 20 sep 2018 · 11 reacties

Als wintersporters kennen we natuurlijk allemaal de goedkopere laagseizoen prijzen en aanbiedingen. In de Zwitserse skigebieden Belalp en Pizol heeft men het echter anders aangepakt. Zij hebben de afgelopen twee jaar geëxperimenteerd met variabele skipasprijzen. Skipassen daalden in prijs als het weer slechter was. Het bleek zo’n succes dat deze gebieden de slechtweer-skipasprijzen vanaf dit jaar officieel invoeren. Slechtweer-dagen kosten geldAls het mistig is of hard sneeuwt draaien skigebieden natuurlijk gewoon door. Je hoeft geen econoom te zijn om te weten dat dit niet de dagen zijn dat skigebieden het meeste verdienen. Vaak is het tijdens slecht weer erg rustig op de pistes. Soms ski je zelfs bijna helemaal alleen. Dat betekent natuurlijk veel lagere inkomsten voor een skigebied, want lang niet iedereen koopt een meerdaagse pas, en met slecht weer worden er veel minder dagpassen verkocht. Om dit soort fluctuaties tegen te gaan gebruiken andere branches al veel langer variabele prijzen, maar voor skigebieden is het relatief nieuw. Mijn interesse was gewekt dus belde ik met het skigebied van Pizol om te vragen hoe dit alles precies in zijn werk gaat. Hoe werkt het?Je kunt de goedkopere dagpassen (weekpassen zijn niet variabel) tot zeven dagen van tevoren (online) kopen. De prijzen zijn telkens gebaseerd op de laatste weerberichten van SRF Meteo. Hoe slechter het weer, hoe hoger de korting. Beide skigebieden hebben een vast ijkpunt waarop het weerbericht wordt vastgesteld. Het ijkpunt in Pizol is het Gaffia middelstation op 1868 meter hoogte. Er bestaan vier klassen voor korting:half bewolkt met sneeuwval 18% goedkopergeheel bewolkt, geen sneeuw 28% goedkoperbewolkt, beetje sneeuw 38% goedkoperbewolkt met veel sneeuw 50% goedkoperNa elke de laatste actualisatie van het SRF, vier keer per dag, worden de prijzen aangepast. Als je een pas gekocht hebt kun je daarna natuurlijk ook geluk hebben als het beter weer is dan verwacht. Simpele rekensomDe skigebieden zijn niet over één nacht ijs te gaan voordat ze dit systeem invoerden, twee jaar lang hebben ze getest met deze variabele prijzen. Om te testen of een skigebied beter af is met variabele prijzen bleek de rekensom eigenlijk kinderlijk eenvoudig. In totaal hebben Pizol en Bealp samen de afgelopen twee jaar 10.000 slechtweer-passen verkocht. Volgens het onderzoeksbureau FHSG dat de effecten onderzocht werd de helft van deze passen verkocht aan wintersporters die anders niet waren komen skiën. Dit leverde de gebieden 160.000 Zwitserse Frank (CHF) op aan extra inkomsten. De andere helft kwam sowieso skiën of snowboarden, aan deze groep werd in totaal CHF 64.000 aan korting gegeven. Dit betekent CHF 96.000 (160.000 - 64.000) aan extra inkomsten die het gebied anders was misgelopen.De conclusie is dus dat het aanbieden van deze goedkopere passen een win-win situatie oplevert: mensen komen skiën die anders niet waren gekomen én het gebied heeft meer inkomsten. Denk ook aan de extra omzet die hierdoor in de restaurants gegenereerd wordt. Daarbij is het wel eerlijk om aan te geven dat deze cijfers in het niet vallen bij de totale omzet. Beide gebieden hebben afzonderlijk een omzet van ruim CHF 6.000.000 per jaar. SpelletjeVolgens de woordvoerdster van de VVV in Pizol betekent het naast het financiële voordeel ook gewoon een spel en goede publiciteit. Het is zeker een leuk spelletje als je zelf het weer een beetje begrijpt. Ook is dit natuurlijk een droomaanbieding voor poederzoekers, want op de beste poederdagen krijg je een flinke korting. Volgens FHSG zijn er in Europa meerdere skigebieden die met interesse naar deze variabele skipasprijzen aan het kijken zijn.

Wel of geen vroege winterinval?

Roel op 18 sep 2018 · 19 reacties

Op basis van het huidige weertype zou je het totaal niet verwachten maar al enkele dagen volg ik met meer dan normale belangstelling de modellen. Vanaf het weekend gaan er een aantal verschuivingen plaatsvinden met misschien grote gevolgen voor de Alpen (sneeuw). Maar het is nog niet in kannen en kruiken.Pas boven 4000 meter onder nulTerwijl de zomer doorsuddert - de vorstgrens ligt t/m vrijdag boven de 4000 meter - zijn de ontwikkelingen op lange termijn bijzonder interessant geworden. Twee dagen geleden zag het ernaar uit dat we vanaf vrijdag al de winter zouden induiken met sneeuw vanaf 1000 meter, maar die berekening is flink afgezwakt. Toch staan er enkele veranderingen op stapel die op iets langere termijn alsnog voor een vroege winterinval kunnen zorgen.Het begint met ex-orkaan die de eerstkomende dagen een extra impuls aan de zomerwarmte geeft. Door een zwakke zuidelijke wind klimt de temperatuur overdag in de dalen met gemak tot boven de 25 graden. Daarbij vallen er woensdag en donderdag nauwelijks onweersbuien, iets waar je in de zomer wel bijna dagelijks mee te maken hebt. Dat maakt september en oktober eigenlijk de mooiste wandelmaanden van het jaar. De kans dat het roer in één keer omgaat is in het najaar echter ook aanwezig, en dat gebeurt aan het einde van de week mogelijk aan de noordkant van de Alpen.Zaterdag uitgeblust frontVrijdag neemt de buiigheid al toe, maar van een grote weersomslag is dan nog geen sprake. Zaterdag passeert er wel een koufront maar dat is zodanig afgezwakt dat waarschijnlijk alleen de noordkant van de Alpen (Oostenrijk en deels Zwitserland) enige regen kan verwachten. De echt koele lucht kan de Alpen nog niet bereiken en stroomt over Nederland en het noorden van Duitsland weg naar het oosten.Interessant wordt het de dagen daarna. Al enkele runs op rij wordt er voor de periode zondag - maandag een stormdepressie berekend boven de Noordzee maar niet ieder model gaat hiervoor. Mocht het Amerikaanse model GFS vanochtend gelijk krijgen dan krijgt ons land een behoorlijk windveld over zich heen met kans op stormschade, maar in het geval van het Europese model gebeurt er nauwelijks iets.Sneeuw tot in het dal of helemaal niks?Bij beide modellen wordt het daarna kouder, waarbij het Amerikaanse model opnieuw veel uitgesprokener is. Er wordt vanaf maandag een behoorlijk pak sneeuw berekend voor Oostenrijk, zelfs tot in de dalen. Dit terwijl 'de Europeanen' veel minder neerslag en een hogere sneeuwgrens berekenen. Een verschil van water en vuur of, beter gezegd, licht wisselvallig herfstweer of een winterinval. Gezien de termijn (6 dagen) is het verstandig niet te hard van stapel te lopen. De sneeuw voor vrijdag was in een dag van de kaarten verdwenen, en dat kan maandag weer gebeuren. Wel hou ik de vinger aan de pols; als alles goedvalt is er in september vanalles mogelijk.

Zijn er over twintig jaar alleen nog megagebieden?

Arjen op 19 sep 2018 · 45 reacties

Vorig seizoen publiceerden we een artikel waarbij we verbonden skigebieden onder de loep hebben genomen en ons hierbij de vraag stelden of het nou een vloek of een zegen is. Het antwoord doet er eigenlijk niet zoveel toe. Het is een feit dat skigebieden verbonden worden en groter en groter worden. Stel nou dat deze ontwikkeling blijft doorzetten en de wal het schip niet zal keren. Betekent dit dat er over twintig jaar alleen nog maar megagebieden zijn? En moeten we misschien een voorbeeld nemen aan de skigebieden in Noord-Amerika?Fast forward naar 2038We nemen een sprong van 20 jaar in de tijd. Het is inmiddels 2038 en de keuze van het skigebied is een stuk makkelijker dan de keuze die we moeten maken in de winter van 2018/2019. In Oostenrijk staat de winter 2038/2039 in het teken van het Salzburgerland. Met een cabinebaan tussen Rauris en Bad Hofgastein is het laatste gat gedicht waardoor een van de grootste skigebieden ter wereld is ontstaan. In theorie is het nu mogelijk om vanuit Fieberbrunn via Saalbach, Zell am See, Kaprun, Rauris, Bad Hofgastein, Großarl via Kleinarl en Zauchensee naar Obertauern te skiën. Het skigebied met meer dan 2000 kilometer aan aaneengesloten pistes kan de concurrentie aan met de andere megagebieden in Oostenrijk, Frankrijk en Italië. Klinkt enigszins belachelijk toch? Of toch niet. Kijk maar eens op de kaart. Het is zonder twijfel mogelijk, alleen zullen er hier en daar politieke barrières geslecht moeten worden. In de jaren ‘80 klonken aaneengesloten skigebieden van 600 kilometer aan pistes ook ridicuul. Toch werden ze niet heel lang erna werkelijkheid. Noem het marktwerking, noem het de vraag van de consument, noem het de exponenten van het massatoerisme of simpelweg kapitalisme in optima forma. Dure liftpassenDeze ontwikkelingen hebben nogal wat gevolgen. De liftpassen zijn inmiddels gestegen tot prijzen van € 490 voor zes dagen. Er is geen andere optie, aangezien de inkomsten over vele dorpen verdeeld moeten worden. Waar men vroeger € 200 betaalde voor een liftpas voor zes dagen die 200 kilometer aan pistes ontsloot, zijn de prijzen inmiddels gestegen tot € 490 voor zes dagen. Maar goed, dan heb je wel toegang tot meer dan 2000 kilometer piste. Skiën voor de lucky few?Kleine skigebieden die niet aansluiten bij het conglomeraat krijgen het steeds moeilijker. Ze gaan ten onder in het marketinggeweld en het aanbod van gebieden die alles domineren. Alleen de lokale bevolking maakt nog gebruik van hun liften. Maar voor hoe lang nog? Skiën is in de Alpenlanden allang geen sport van het volk meer, maar iets voor de ‘lucky few’. Het is dan ook niet zo vreemd dat toerskiën populairder is dan ooit.Oplossing in Noord-Amerika?Zijn er alternatieven te bedenken voor de expansie van de skigebieden? Misschien ligt de oplossing wel aan de andere kant van de oceaan. We gaan weer even terug naar 2018. Bij de twee grootste skigebieden van Noord-Amerika (Whistler Blackcomb en Vail) komt respectievelijk 50% en 46% van de inkomsten uit de verkoop van liftpassen. De rest van het geld wordt verdiend met skilessen, verhuur van materiaal en de restaurants op de berg. Het grote verschil is dat deze gebieden eigenaar zijn van alles wat er op de berg plaatsvindt, en dat is in heel veel gebieden in de Alpen niet het geval. Heel vreemd is dat natuurlijk niet, want veel in de Alpen is simpelweg historisch zo gegroeid en in Noord-Amerika zijn de afstanden tussen de gebieden nu eenmaal groter.Verticale benaderingToch zijn er ook gebieden in de Alpen waar er een verticale benadering van de berg heeft plaatsgevonden. In de skigebieden van Laax en Hochzillertal heeft in veel opzichten één partij de touwtjes in handen. In het geval van Hochzillertal gaat het om de Schultz Gruppe die in Oostenrijk eigenaar is van meerdere skigebieden, zoals Großglockner Resort Kals - Matrei en de Mölltaler Gletscher. Hoop doet levenMisschien komt dit betoog voort uit een wanhoopspoging om kleine skigebieden te behouden, misschien is het de angst dat wintersport nog meer verwordt tot massatoerisme. Ik hoop oprecht dat we in de toekomst keuze kunnen houden tussen skigebieden voor de massa waar alles tot in de puntjes geregeld is, waar je het gevoel hebt dat je in een pretpark verblijft, en kleinere bestemmingen waar je nog echt kunt genieten van wat de natuur te bieden heeft.

Het seizoen zit er (zo goed als) op en we kunnen eindelijk weer eens terugkijken op een sneeuwrijke winter. Een winter waarvoor de aanzet al in september werd gegeven met de eerste winterse speldenprikken. Het waren niet specifieke delen van de Alpen die eruit sprongen, het seizoen kenmerkte... » lees meer

Weerman Roel

Laatste weblog berichten

Laatste nieuws Nederlandse Ski Vereniging